Kan ik onder een concurrentiebeding uit?

Als u aan een concurrentiebeding gebonden bent, en deze is daadwerkelijk geldig, dan kunt u er niet zomaar onderuit. Echter, er zijn wel mogelijkheden. In de basis zijn er twee opties om onder het concurrentiebeding uit te komen. Op de eerste plaats kunt u natuurlijk het gesprek met uw werkgever aangaan om deze te verzoeken het concurrentiebeding te laten vervallen. Dit is in alle gevallen de beste optie en in elk geval de eerste optie die u kunt proberen. Lukt dit niet, dan kunt u besluiten om naar de rechter te gaan en hier een verzoek te deponeren om het concurrentiebeding te beperken of te laten vernietigen. Vanzelfsprekend kost dit geld, waardoor de eerste optie de voorkeur verdient.

Wanneer uw werkgever u wil ontslaan

Het is mogelijk om met uw werkgever in gesprek te gaan met als doel om het concurrentiebeding te laten vervallen. Het kan natuurlijk zijn dat u ontslag neemt, maar het kan ook zijn dat de werkgever u wil ontslaan. In dit laatste geval zal de werkgever in de meeste gevallen proberen om dit ontslag met u overeen te komen. Er kunnen onderlinge afspraken worden gemaakt, zoals ook een transitievergoeding voor uw ontslag, en deze afspraken worden in een vaststellingsovereenkomst vastgelegd. U heeft het recht om te onderhandelen over de afspraken en u kunt hierbij naar voren brengen dat u graag ziet dat het concurrentiebeding komt te vervallen. Uiteraard is de werkgever niet verplicht om hiermee akkoord te gaan. Echter, u bent ook niet verplicht om akkoord te gaan met het voorstel van uw werkgever. Wanneer jullie er samen niet uit komen, dan zal de ontslagprocedure via het UWV of de kantonrechter moeten plaatsvinden.

 Wanneer u zelf ontslag wilt nemen

Natuurlijk kan het ook zijn dat u zelf ontslag wilt nemen. In dit geval heeft u aanzienlijk minder mogelijkheden om te onderhandelen over het concurrentiebeding en met name over het vervallen van het beding. Wanneer het niet mogelijk blijkt om de werkgever zo ver te krijgen dat deze het concurrentiebeding laat vervallen, dan kunt u wel proberen om het concurrentiebeding te laten veranderen in een zogenaamd relatiebeding. Met een geldig relatiebeding is het u wel toegestaan om te gaan werken bij een concurrerend bedrijf. Het is u enkel niet toegestaan om relaties van de voormalige werkgever te contacteren.

Goed overleg met de werkgever

Het is aan te raden om ruim voorafgaande aan uw vertrek te starten met de onderhandelingen over het concurrentiebeding. Het is goed om direct aan te geven dat u wilt dat deze komt te vervallen. Wanneer de werkgever dit niet wil doen, dan weet deze dat de ontslagprocedure erg lang en vervelend kan worden. Hier zal de werkgever graag voor willen passen. In diverse situaties is het ook nog mogelijk om een afkoopsom af te spreken. Deze moet dan door u als werknemer worden betaald, maar deze kan ook worden betaald door uw nieuwe werkgever wanneer deze u echt graag in dienst zou willen hebben.

Naar de rechter om het concurrentiebeding te laten vervallen

Als u het concurrentiebeding wilt laten vervallen en u komt er niet uit met uw werkgever, dan is er de mogelijkheid om een rechter in te schakelen. Overigens kan een werkgever ook naar de rechter stappen wanneer deze van mening is dat u een concurrentiebeding aan het overtreden bent. Vanzelfsprekend brengt het kosten met zich mee om de zaak voor de rechter te brengen. Wanneer dit niet nodig is, dan is het zonde van de tijd en het geld. In de meeste gevallen zal het gaan om een kort geding. Dit is een zogenaamde spoedprocedure waarbij de partijen van de rechter een voorlopig oordeel te horen krijgen. In de meeste gevallen is het zo dat de partijen zich al snel bij dit voorlopige oordeel neerleggen, waardoor een verdere procedure niet nodig is.

Waar let een rechter op bij het geven van een voorlopig oordeel?

De werknemer neemt een standpunt in en de werkgever neemt een standpunt in. Beide partijen kunnen hun argumenten op tafel leggen. De werknemer zou kunnen aangeven dat de werkgever hem of haar dwingt om een andere baan te zoeken, omdat deze de werknemer wil ontslaan. Ook kan het een goed argument zijn dat de werknemer te kort in dienst is geweest om over informatie, kennis en ervaring te beschikken die voor concurrerende bedrijven interessant zou kunnen zijn. Een ander veel gehoord argument is wel dat de werknemer geen doorgroeimogelijkheden bij de huidige werkgever heeft, terwijl deze een aanzienlijk betere functie kan krijgen bij een concurrerend bedrijf.

De argumenten die een werkgever kan aandragen

De werkgever kan uiteraard ook diverse argumenten naar voren brengen. Zo kan deze uiten dat de werknemer zelf weg wilde bij het bedrijf, dat de werknemer een sleutelrol in de onderneming heeft gespeeld of dat deze veel kennis van de onderneming en de bedrijfsvoering heeft. Ook kan er worden aangedragen dat de werkgever veel trainingen en opleidingen heeft gefinancierd voor de werknemer, dat de werknemer erg lang in dienst is geweest of dat het concurrentiebeding recentelijk nog is vernieuwd. Uiteindelijk zal de rechter een voorlopig oordeel geven wanneer deze alle argumenten aan heeft gehoord.

[bsa_pro_ad_space id=18]